Bevallingsgerelateerde PTSS & trauma

Bevallingstrauma: betekenis, impact en verwerken van bevallingsgerelateerd trauma

De term bevallingstrauma wordt vaak gebruikt als verzamelnaam voor klachten die kunnen ontstaan na een bevalling die als overweldigend of machteloos is ervaren. In medische en wetenschappelijke context spreken we vaker over bevallingsgerelateerd trauma en in sommige gevallen over bevallingsgerelateerde PTSS. Ook de term traumatische bevallingservaring wordt gebruikt, omdat deze beter recht doet aan de persoonlijke beleving.

Deze pagina is bedoeld voor vrouwen en hun naasten, én voor zorgverleners die meer willen begrijpen van de impact van een bevalling.

Wat is een bevallingstrauma?

Van een bevallingstrauma is sprake wanneer een vrouw haar bevalling als traumatisch heeft ervaren. Dat kan ook wanneer de bevalling medisch gezien zonder complicaties is verlopen.

Met andere woorden: De (‘subjectieve’) ervaring van de vrouw is leidend, niet het (‘objectieve’) medische verloop van de bevalling.

Er is regelmatig discussie over wat nu ‘echt’ een trauma is. De DSM-5 is een stuk strenger dan de voorgaande editie, en beschrijft feitelijke of dreigende dood of ernstige verwonding als voorwaarde. Voor de praktijk en met name de vrouwen die dit betreft is dit te rigide en – met name ‘aantasting van de fysieke integriteit’ (wat in DSM-IV nog wel stond) en compleet verlies van controle worden vaak als meest traumatisch beschreven.

De Europese onderzoeksgroep waar ik deel van uitmaakte heeft in 2022 een definitie gepubliceerd die voor praktijk, onderzoek en beleid goed werkbaar is:

“de ervaring van interacties of gebeurtenissen direct gerelateerd aan de bevalling, die zorgden voor overweldigende, stressvolle emoties en reacties; Met een negatieve impact op de gezondheid en het welzijn van de vrouw, op korte- en/of lange termijn”

Voor de praktijk is deze theoretische discussie niet zo relevant. Als een vrouw een heel nare of traumatische ervaring heeft gehad, zeker als ze ook nog eens psychische klachten heeft, dan verdient dit begripvolle aandacht van zorgverleners. 

Tip 1: Trap als zorgverlener niet in de valkuil om te denken dat je altijd kunt aanvoelen wie een traumatische ervaring heeft gehad. Ook op een medisch zeer gecompliceerde bevalling kan een vrouw positief terugkijken, en sommige bevallingen ‘volgens het boekje’ zijn toch een enorm traumatische ervaring geweest. En bedenk: Wat voor zorgverleners routine is, kan voor een vrouw ingrijpend of beangstigend zijn.

Tip 2: Vraag er naar! ‘Hoe heb je de bevalling ervaren?’ of ‘Hoe kijk je terug op de bevalling? ’

Bevallingsgerelateerde PTSS en trauma

Nachtmerries over de bevalling komen vaak voor, maar vrouwen kunnen ook herbelevingen krijgen bij het zien van een bevalling op televisie, wanneer ze het ziekenhuis voorbijrijden, of wanneer een geur hen doet denken aan de verloskamer. Vrouwen kunnen moeite hebben met slapen omdat zij hyperalert zijn of omdat zij bang zijn in slaap te vallen vanwege terugkerende nachtmerries over de bevalling. Uitingen van vermijding kunnen zijn dat vrouwen geen foto’s van de bevalling kunnen bekijken, kraambezoek bij anderen vermijden, bepaalde televisieprogramma’s niet meer kijken, niet naar het ziekenhuis of de verloskundigenpraktijk durven voor de nacontrole, of geen uitstrijkjes/gynaecologisch onderzoek durven ondergaan. Daarnaast komt angst voor een volgende bevalling frequent voor, met als mogelijk gevolg niet meer zwanger durven worden. Ook wordt geschat dat wereldwijd één tot negen procent van alle indicaties voor een sectio caesarea angst voor de bevalling is.

Uit: Handboek Psychiatrie en Zwangerschap (2024).

M.L. Lambregtse-van den Berg etc. (eds.), Hoofdstuk 6: PTSS; C.A.I. Stramrood & L. Kranenburg

Een meta-analyse uit 2016 waarbij gegevens over 21.429 vrouwen uit 50 studies werden samengevat benoemde als belangrijkste risicofactoren:

Medisch verloop van zwangerschap en bevalling: gecompliceerd beloop bevalling (bijvoorbeeld spoedsectio, kunstverlossing (vacuüm/forceps), fluxus), gecompliceerd beloop zwangerschap (bijvoorbeeld vroeggeboorte, (pre-)eclampsie/HELLP), gecompliceerd beloop neonaat (opname van het kind, perinatale sterfte);

Psychische klachten: ernstige angst voor de bevalling, depressie tijdens de zwangerschap of na de bevalling, psychiatrische voorgeschiedenis; Psychosociale factoren: niet goed met stress kunnen omgaan (coping), eerder trauma/PTSS (met name seksueel misbruik / geweld);

Ervaring van de bevalling: negatieve ervaring, weinig steun ervaren van zorgverleners, dissociatie tijdens de bevalling.

De risicofactoren zijn ook in te delen o.b.v. het moment van optreden. Samengevoegd kun je dat weergeven zoals in onderstaande tabel: 

  • Uit: Handboek Psychiatrie en Zwangerschap (2024).

    M.L. Lambregtse-van den Berg etc. (eds.), Hoofdstuk 6: PTSS; C.A.I. Stramrood & L. Kranenburg

In de literatuur worden verschillende (negatieve) gevolgen genoemd van een traumatische bevallingservaring, waaronder angst voor een volgende zwangerschap of bevalling, een verzoek tot sectio caesarea in een volgende zwangerschap of kiezen voor minder of andere zorg dan medisch geïndiceerd.

Er is een sterk verband tussen bevallingsgerelateerde PTSS en het ontwikkelen van postpartum depressie. Vaak worden ook problemen in de partnerrelatie gezien, met name gebrek aan steun van de partner.

De onderzoeken over (eventuele problemen met) moeder-kind binding laten geen eenduidig beeld zien. Tegelijkertijd, en dat weten we ook van depressie, is het goed denkbaar dat het moeilijker is voor een moeder om sensitief en responsief te zijn richting haar kind (2 belangrijke aspecten van hechting) als ze zelf psychische klachten heeft.

Van een aantal behandelingen is goed onderzocht hoe en dat ze werken. EMDR is de meest bekende. De landelijke Zorgstandaard Psychotrauma en Stressor-gerelateerde-stoornissen geeft een overzicht van alle bekende, onderzochte en bewezen effectieve interventies.

Bij eye-movement desensitisation and reprocessing zijn er 2 dingen die gelijktijdig plaatsvinden (1) spontane associaties van traumatische beelden en de bijbehorende gevoelens, gedachten en lichamelijke reacties, en (2) snelle oogbewegingen of andere methoden om het werkgeheugen van de persoon te belasten. EMDR vereist geen gedetailleerde beschrijving van de gebeurtenis, gaat niet gepaard met huiswerk. Bij een enkelvoudig trauma (bevalling) bij iemand zonder psychiatische voorgeschiedenis of eerder trauma, zijn meestal maar een paar sessies nodig. Gecertificeerde EMDR therapeuten vind je op emdr.nl

De diagnose wordt gesteld door een psycholoog, psychiater of huisarts.
Je kunt als verloskundig zorgverlener natuurlijk vragen naar de verschillende symptomen: herbeleving, vermijding, negatieve gedachten en stemming, en hyperarousal (zie boven).
Heel fijn is dat er ook een aantal gevalideerde screeningsvragenlijsten die in de praktijk goed bruikbaar zijn. Je vindt ze HIER

Veel vrouwen met bevallingsgerelateerde PTSS en traumatische bevallingservaringen krijgen NIET de juiste behandeling en begeleiding.

(1) Vrouwen vinden het moeilijk om over hun nare ervaring te praten. Dat kan je ze niet kwalijk nemen – vermijding is immers een symptoom van PTSS! Soms voelen ze ook niet de ruimte – omdat ze geen kritiek durven uiten, de nacontrole na de bevalling hebben bij iemand die ze helemaal niet kennen, de zorgverlener gehaast is of omdat ze er gewoon (nog) niet aan toe zijn om er over te praten.

(2) Vrouwen schromen zelf om aan de bel te trekken. Ze schamen zich, denken dat ze de enige zijn, of zijn bang dat ze als een slechte moeder worden gezien. Zeker als ze aangeven dat het psychisch niet goed met ze gaat.

(3) Zorgverleners vragen niet naar de bevallingservaring. Omdat ze andere dingen belangrijker vinden (bijv. fysiek herstel of anticonceptie bespreken), omdat ze bang zijn ‘een beerput open te trekken’ als ze er over beginnen, of omdat ze niet zo goed weten wat ze moeten doen als de vrouw aangeeft een heel nare of traumatische ervaring te hebben gehad, en zich misschien zelfs schuldig voelen dan .

(4) Zorgverleners herkennen niet altijd dat er sprake is van PTSS of een traumatische bevallingservaring. Zeker wanneer de vrouw ook somber of angstig is, worden PTSS-klachten vaak verward met een depressie. Met een beetje pech moet je het dan doen met een anti-depressivum en komt de bevallingservaring niet meer aan bod.

Wat kan ik doen als ik een bevallingstrauma heb, of angstig ben voor de bevalling?

Als je merkt dat een eerdere bevalling je blijft bezighouden, of als je angstig bent voor een (volgende) bevalling, is het belangrijk om te weten dat je hier niet alleen in staat. Klachten of angst zijn geen teken van zwakte, maar een begrijpelijke reactie op wat je hebt meegemaakt of vreest.

Wat kan helpen:

Praat erover met je verloskundige, gynaecoloog of huisarts. Samen kun je kijken wat je nodig hebt en welke ondersteuning passend is. Of met de verpleegkundige of je kraamverzorgende als je net bent bevallen. Of met je bedrijfsarts als je niet of minder goed je werk kunt doen.

De bevalling nabespreken met de zorgverlener die je heeft begeleid kan erg helpen. Voor PTSS zijn bewezen effectieve behandelingen, zoals EMDR, beschikbaar. Je huisarts of gynaecoloog kan je verwijzen. Er zijn steeds meer GZ-psychologen met EMDR opleiding die zich specifiek op trauma en angst rondom de bevalling richten. Een overzicht vind je in de Verwijslijst.  

Gebruik een hulpmiddel zoals de keuzekaart nare bevallingservaring om je gedachten, gevoelens en vragen op een rij te zetten.

Betrouwbare informatie kan helpen om klachten en mogelijkheden beter te begrijpen, bijvoorbeeld via Thuisarts.nl over angst voor de bevalling, een nare bevallingservaring, of PTSS na de bevalling.

Sommige vrouwen hebben baat bij extra voorbereiding en ondersteuning. De cursus Beval Beter: van Angst naar Vertrouwen is ontwikkeld voor vrouwen die met meer rust en vertrouwen naar de bevalling toe willen leven.

Wat kan ik als verloskundig zorgverlener doen?

Zorgverleners maken vaak meer verschil dan ze zelf beseffen. Niet alleen door medische beslissingen, maar ook door hoe zorg wordt ervaren.

Als zorgverlener kun je bijdragen door:

💡duidelijke, eerlijke informatie te geven en ruimte te laten voor vragen

💡aandacht te hebben voor continuïteit van zorg en vertrouwen

💡vrouwen te ondersteunen in regie en gezamenlijke besluitvorming

Wat doet Beval Beter?

Beval Beter richt zich op mentale gezondheid rondom zwangerschap en bevalling, met specifieke aandacht voor bevallingsgerelateerd trauma en bevallingsgerelateerde PTSS. Vanuit medische expertise en ervaring binnen de geboortezorg ligt de focus op wat vrouwen helpt, en wat zorgverleners daarin kunnen betekenen.

Beval Beter:

✅  biedt betrouwbare, medisch onderbouwde kennis over mentale gezondheid en bevalling

✅  maakt bevallingsgerelateerd trauma en PTSS bespreekbaar binnen de geboortezorg

✅  vertaalt complexe thema’s naar praktische handvatten voor zorgverleners

👉🏻 Scholing en verdieping voor zorgprofessionals in de geboortezorg 🔗

© 2026 Beval Beter